dinsdag 10 juni 2014

God Bless Allah

Zo’n typische Afrikaanse beeld; een kleurrijk busje laag hangend op de grond, zwarte rook uit de uitlaat en zeer traag klimmend de bergen over. Met evenveel bagage bovenop als passagiers binnenin – alsof ’t een touwtrek wedstrijd is zonder winnaar met als resultaat dat het busje in balans blijft. Met sierlijke letters worden de busjes van wijze motto's voorzien. 
God bless Allah is mijn favoriet. Omdat dit voor mij zo typisch voor Sierra Leone is; iedereen gelooft hier. Je bidt samen, ook al geloof je in verschillende goden. Je bidt gewoon om de beurt elkaars gebeden mee. Zoals voor elke operatie of belangrijke bijeenkomst. Trouwen met je geliefde met andere religie is hier geen enkele probleem. Liberaal zijn ze ook met de namen, Hassan kan prima een christen zijn en David een moslim. Verfrissend. 

Verfrissend zijn ook de regenbuien waarmee het regenseizoen mee wordt ingeluid. Voor mij betekent dit dat de cirkel bijna rond is en het aftellen is begonnen. Ook mijn Masanga-genoten tellen mee af en ik word bedolven onder semi-liefdes-, maar vooral smeekbrieven en bezoekjes - als je zo arm bent, heb je niets te verliezen? Of is het verwend gedrag, geïnitieerd door eerdere goedbedoelde westerse hulp? 
Het plaatselijke voetbalteam dat tegenwoordig voetbalt in shirtjes uit Molenschot, organiseerde speciaal voor mij een afscheidswedstrijd. Met een team uit Magburaka werd het een heuse derbi. Er was dan ook veel publiek, die tevens diende als de begrenzing van het veld - als er en masse een stap naar achteren wordt gedaan, is de bal uit. Buitenspel wordt gevlagd met behulp van een twijg. Ik kreeg de eer om te mogen aftrappen en genoot voor de laatste keer van het snelle spel en oneindige inzet, het gejoel en gejuich en de prachtige Afrikaanse omgeving, waar zomaar ineens 2 (!!) heldere regenbogen verschenen. Ondanks het verlies aan onze kant, had ik me geen beter afscheid kunnen wensen. 

Mohamed, mijn schoonmaker kwam me mee helpen inpakken, checkte of ik écht niets vergeten was en zorgde er voor dat alle ritsen van mijn tas dicht gingen. Wat niet in mijn tas paste of hoefde, was onder andere voor hem. ‘I like your business’ was zijn reactie met een grote glimlach. Een glimlach die ik zal missen, zoals vele anderen. Maar het is tijd om te gaan, om verder te gaan. En wie weet kom ik ooit nog eens terug, om te zien wat de toekomst zal brengen. Hopelijk blijven alle mooie glimlachen. 


zaterdag 26 april 2014

Zomaar een dag

Het is rond een uur of acht ’s avonds. Ik loop naar het ziekenhuis, in de donkerte onder een fonkelende sterrenhemel. Even waan ik me in de droomvlucht van de Efteling. In de verte smeult een boomstam na, het ruikt naar as. Overdag zijn ze volop in de weer geweest om de akkers klaar te maken voor het planten van rijst. Nog even en dan begint het regenseizoen – zeer welkom na de zinderende hitte van de afgelopen weken, die ooh zo loom maakt.  Het Afrikaanse looptempo is mij inmiddels volledig eigen.

Luide muziek komt vanuit het dorp aanwaaien. Er wordt gefeest en hoe! Al de gehele dag blazen grote muziekboxen Afrikaanse hiphop muziek alle kanten op – een aantal hits worden keer op keer gedraaid en ook ik zing die inmiddels onverstoord mee. Vanmorgen was de diploma uitreiking van de verpleegkundigen hulpen, die hun opleiding in ons ziekenhuis hadden afgerond. Er werd groot uitgepakt. Om tien uur ’s ochtends begon de luide muziek en hard geschreeuw in een krakende microfoon – dat dient als een soort van uitnodiging ‘hier is een feestje, komt dat zien!’ en dat werkt altijd. Alle 36 studenten én leraren droegen een bloesje van dezelfde stof. Verder waren ze uitgedost met hoge pruiken, zwarte zonnebrillen en panty’s tot aan de knie – over smaak valt niet te twisten. Vele belangrijke piefen uit de omgeving waren naar Masanga afgereisd voor een korte  (of toch iets langere) speech. Als ongekend hoogtepunt was er een heuse playback act van een kolonel van het leger. Hoe dan ook, er dient gefeest te worden! En dat kunnen ze hier prima, tot in de kleine uurtjes gaan ze onvermoeid door. Ik laat ’t aan me voorbij gaan, deze keer. En loop naar het ziekenhuis.

Zes jaar oud is ze, Aminata, het meisje dat we deze week op de kinderafdeling hebben opgenomen. Haar haar heeft een rode gloed van ondervoeding. Haar buik steekt ver vooruit, de vergrootte lever en milt nemen veel plaats in en werken hard. Te hard, het oogwit is geel geworden en ze is moe. We besluiten een echo te maken van haar buik en borst. Samen met een van de studenten bestuderen haar ingewanden die we zien op een stoffig scherm. Dikke palmolie wordt gebruikt als gel op de buik. De moeder van Aminata staat aan het bedeinde. Op haar rug ligt, of beter gezegd hangt, een baby vredig te slapen, ingewikkeld in kleurige doeken. De moeder glimlacht breed naar ons. Aminata zelf ligt muisstil. Alsof ze begrijpt wat de student en ik bespreken, rollen er tranen over haar wangen. Ik veeg ze weg. We proberen aan de moeder uit te leggen dat wat we hebben gevonden niet veel positiefs is. Oneerlijk vind ik zulke gesprekken, telkens weer.


In gedachten verzonken loop ik terug naar huis - de muziek uit het dorp hoor ik nauwelijks. Een paar dagen later is ze overleden. Hopelijk kunnen onze net afgestudeerden verpleegkundigen een verschil gaan maken. 

donderdag 6 februari 2014

Adres



Masanga Hospital
P.O. Box 44
Magburaka

Tonkolili district, Sierra Leone 

Thuis



Home is where the heart is. En zo ging ik net voor de kerst van mijn ene huis naar mijn andere huis. Met het vliegtuig. En daar begon ’t al, achter mij zaten een man uit Burkina Faso en een vrouw uit Sierra Leone vanaf het eerste moment volop te praten - vandaar dat ik nu niet alleen hun afkomst weet. Met name de vrouw was vrienden met iedereen en wees medepassagiers o.a. op vrije bagageruimte. Ik zat naast een Duitse vrouw, waar ik pas een kwartier voor de landing achter kwam, toen we toch maar besloten tot een praatje.
Ik ruilde Afrika in voor Europa: De heldere blauwe lucht voor grijze wolken. De chaos voor de orde, regelmaat en rust. Het ‘lijkt alsof ik iedereen ken want ik praat met jan en alleman’ voor ‘ik kijk liever op mijn smartphone’. Kleur voor donker. Zwetend door de dag ploeteren voor koude handen en neus. Koekjes van Lamin voor appeltaart van mama.
Ook waren daar mijn lieve familie en mijn vele vrienden, en alles wat daar bij hoort en wat ondanks de whatsapp mogelijkheden bij lange aan niet tot in Afrika reikt. Kerst bij de open haart zoals het hoort. Tradities en gewoontes, zou je ze ooit afleren?

Na een maand consumeren in Nederland stond ik na 1,5 dag vlot reizen weer in Masanga. Dansje hier, dansje daar als welkom in het ziekenhuis – ik was maar wit geworden vonden mijn dorpsgenoten.
Net zoals in Nederland was er niet zoveel veranderd, de natuur maakt zich op voor het droge seizoen. Mijn tuin ligt bezaaid vol met droge bladeren. Even verderop hangt een onbekende man in een van de palmbomen. Hij is met een soort van houten lasso de boom ingeklommen om palmwijn te tappen. Pohjo wordt dit genoemd, een plaatselijk delicatesse, die ikzelf nog niet zo heb weten te waarderen – ik kom niet verder dan een vergelijking met doperwten. Vrolijk zwaaiend loopt dezelfde meneer even later met een jerrycan vol alcohol door mijn tuin. Of is toch al jungle, jungle van iedereen? Geen bestemmingsplannen hier en dus zwaai ik vrolijk terug. En dan besef ik ’t weer, je deelt hier ook je privacy. Ik pak mijn tassen uit, vol met Nederlands eten – dat dan weer wel. Uit- en inzoemen; het ervaren van twee (t)huizen is nog niet zo slecht.  

donderdag 26 december 2013

Foto's!


Patiënten en moeders van de kinderafdeling zitten liever buiten



Opereren samen met de studenten 


Nieuw leven! 


Emergency Unit 


Maandelijks wordt het gehele ziekenhuis schoongemaakt


Onderweg


Secundaire arbeidsvoorwaarden :-)


Overal, Afrikaanse kids! 

maandag 28 oktober 2013

Regenseizoen

Regen, regen, regen. Zelfs als je denkt, nu kan ’t echt niet meer harder regenen, dan kan ’t inderdaad nóg net iets harder. Tropische regen dus. Het geluid van de vallende regendruppels is overweldigend, met name op de zinken daken van het ziekenhuis. Gesprekken moeten even wachten en muziek luisteren of film kijken is even niet mogelijk. Dit zijn overigens de favoriete bezigheden van de werknemers, wanneer er elektriciteit is, oftewel wanneer er geopereerd wordt – een operatie begint hier ook met het inpluggen van alle mobiele telefoons van het gehele operatieteam, en op de afdelingen worden heuse cinema opstellingen gecreëerd. Eigenlijk wordt alles vertraagd door de regen; Was doet er drie dagen over om te drogen en is dan nog twijfelachtig droog. Alles (en iedereen) ruikt ook hetzelfde.. Mozes, de broodverkoper die elke dag met een tree vol vers brood op zijn hoofd alle huizen langs gaat, slaat de regenachtige dagen over. De werknemers komen later naar het ziekenhuis en zelfs de patiënten blijven weg. De wegen zijn gewoon te slecht begaanbaar en onderhoud vindt pas plaats in het droge seizoen - elk jaar opnieuw. Laatst was zelfs de brug tussen de 'compound' en het ziekenhuisterrein geheel overstroomd. Met de broek omhoog en op de blote voeten was de enige oplossing – een verfrissend begin van de dag. Al snel werden brommers en zelfs een auto in het nieuwe riviertje gereden en werd alles goed schoongemaakt. Voor de jeugd was het een heus tropische zwemparadijs.

Door alle regen koelt ’t aardig af, richting Nederlandse zomerse temperaturen zeg maar. Dat vinden ze hier maar koud en er worden grote dikke winterjassen gedragen over een indrukwekkende laag kleding. Voor mij is ’t echter ideaal hardloop weer. Mijn rondje hier gaat langs de goudmijnen met de bijbehorende badplaats in de rivier en door geurende rijstvelden. Ondertussen kom ik mijn dorpsgenoten tegen met van alles op hun hoofd. Soms fiets of rent er iemand een stukje met me mee - in Afrika doe je tenslotte nooit iets alleen. De regen laat zich inmiddels alleen nog 's avonds en 's nachts van zich horen, samen met goede onweersbuien - minst favoriet van mij. Maar volgens mijn lokale buren zegt de regen op deze manier 'gedag', en zij zullen het wel weten! 

zondag 1 september 2013

Dienst



Met enige Afrikaanse vertraging mijn belevenissen van mijn éérste dienst in het ziekenhuis. Samen met drie studenten  was ik het hele weekend verantwoordelijk voor het reilen en zeilen in het ziekenhuis.  
Het voorrecht van dienst hebben, is dat je een 4-WD’s tot je beschikking heb – de Mariecar heet ‘ie wanneer ik dienst heb. Zonder telefonisch netwerk in Masanga, komen verpleegkundigen of studenten naar je huis toe om te overleggen, of om je op te halen.
Zo ook deze vrijdagavond laat. Zuster  Mama G (iedereen hier heeft naast zijn gewone naam een bijnaam)  en haar collega stonden samen met een van de bewakers voor mijn deur; of ik naar het ziekenhuis kon komen.
En ooh, ooh, wat was het een gedoe om mij te vinden – mijn huisje staat een stuk van het grote pad af, deels verscholen. Mama G vond ’t maar niets al dat gezoek en wilde perse mee terug in mijn auto – geen probleem, met een auto vol kwam ik aan in een pikdonker ziekenhuis. Geen patiënten nu die luidroepend en zwaaiend mij onthalen. Wel was een barende vrouw al van enige afstand duidelijk te horen.  De studenten die dienst hadden zaten rustig met een leuk muziekje aan  te wachten op mij. Overdag zien de studenten er keurig uit in overhemd en vouw in de broek. In de avonduren en weekenden lijken ze eerder heuse rappers, voorzien van grote koptelefoon, wollen mutsen en spierwitte gympen (hoe houd je die schoon hier?). De verpleegkundigen van de nacht zijn studenten van onze eigen ‘nursing school’. Allen gehuld in identieke blauwe verpleegkundige jurkjes, kijken ze enigszins onwennig met groten ogen toe naar de zwangere vrouw.

Ik bedenk dat er een echo moet worden gemaakt. De elektriciteit moet dus aan en daarvoor de generator. Fancy (juist, ook bijnaam), de generatorman, moet worden geroepen. Zuster Mama G begint opnieuw te zuchten en een  verhaal af te steken over hoe gevaarlijk het kan zijn in het donker met alle slangen, juist nu in het regenseizoen en waarom er geen telefoon netwerk is (alsof ik dat nú kan oplossen). Iemand anders besluit ondertussen Fancy te gaan halen en ik doe als ik Oost-Indisch doof ben. Voor medicatie gaan we zoek op de Eerste Hulp. Daar is het een soort van apenkooien tussen alle familieleden van de patiënten die op de grond op een matje liggen te slapen. Ze blijven stoïcijns liggen waar ze liggen – waarom eigenlijk ook niet. De juiste medicatie wordt niet gevonden. Mohammed van de apotheek wordt opgetrommeld. Mijn Nederlandse geduld wordt behoorlijk op de proef gesteld. Uiteindelijk kan de juiste medicatie worden toegediend en een echo worden gemaakt.
We besluiten een keizersnede uit te willen voeren.

 Maar ja, het regent en als echte afrikaan loop je liever niet door de regen. Hup, dan maar met de auto ’t dorp in, iedereen van het operatie-team zelf verzamelen. Het heeft bijna iets gezellig zo met z’n allen in de auto.
Even later wordt een gezonde baby geboren, een meisje. Ze krijgt de naam dokter Marieke (nee, dit is geen bijnaam).  En ik rijd met een glimlach in de vroege ochtend naar huis J